Sinds 1 juli 2003 zijn de prijzen voor elektriciteit en gas in Vlaanderen volledig vrij. Dit wil zeggen dat de leveranciers zelf hun prijzen kunnen bepalen en er dus geen officiële tarieven meer zijn.
De overheid komt alleen nog tussen in de prijsbepaling van de nettarieven die de leveranciers zelf moeten betalen om de elektriciteit tot bij u te brengen.
Sommige leveranciers rekenenen deze gewoon één op één door in hun tarieven, zodat ook uw elektriciteitsprijs wijzigt telkens als de nettarieven wijzigen. Anderen gebruiken een "all-in" tarief en nemen de kosten voor de nettarieven voor hun rekening.
Opgelet echter: bij sommige zogenaamde "all-in" tarieven moet je toch nog de kleine lettertjes lezen. Deze bepalen soms dat de prijs kan wijzigigen als door een "overheidsbeslissing" hun kosten wijzigen. Niet echt een vaste prijs dus. Lees daarom goed de opmerkingen in onze berekeningsmodule
Geschiedenis
Doordat de prijzen sinds 1 juli 2003 (in Vlaanderen) en sinds 1 januari 2007 ook in Wallonië en Brussel, vrij zijn, heb je geen idee meer wat de liberalisering van de energiemarkten nu heeft opgebracht. Daarom vermelden wij hieronder de prijzen die zouden gelden, mocht de overheid zich nog steeds met de prijsbepaling hebben bemoeid.
Onderstaande prijzen zijn gebaseerd op de oorspronkelijke formules zoals ze golden voor de liberalisering en gebruiken ook dezelfde indexeringsparamaters om rekening te houden met de inflatie, de lonen in de elektriciteitsector en de evolutie van de prijzen op de indernationale energiemarkten.
In alle onderstaande (eigenlijk dus fictieve) prijzen is 21 % BTW inbegrepen,
evenals de energietaks ( cEUR/kWh) en
de heffingen en toeslagen voor de financiering van de openbaredienstverplichtingen ( cEUR/kWh).
De Elia-taks, een compensatie die in het begin werd opgelegd voor de vergoeding van het financiële verlies van de gemeenten als gevolg van de liberalisering, bestaat ondertussen niet meer.
Tarieven die in een gebonden markt geldig zouden geweest zijn voor de maand ,
gebaseerd op de indexparamters Nc= en Ne= van .
Het huishoudelijke en het professionele tarief (zelfstandigen en kleine KMO's van minder dan 30 kVA) was gelijk. Het tarief bestond uit een jaarlijkse vaste term (voor de vergoeding van de aansluiting, de teller, enz..) en een veranderlijke term (voor de verbruikte kWh). De totale prijs is de som van de twee termen.
De jaarlijkse vaste term bestond uit drie delen :
De veranderlijke term is de prijs voor de verbruikte kWh.
Het dagverbruik werd aangerekend aan cEUR per kWh (herberekend aan de huidige index).
Het nachtverbruik werd aangerekend aan cEUR per kWh (indien u een nachtteller heeft).
Het normale tarief was geldig voor vermogens tot 30 kW.
Dit tarief is van toepassing op toestellen die uitsluitend 's nachts werken en daartoe van een afzonderlijke elektriciteitsaansluiting en elektriciteitsteller zijn voorzien. Zij mogen tijdens de dag niet kunnen werken.
Alle kWh werden aangerekend aan cEUR.
Er was een bijkomende vaste term van EUR per jaar verschuldigd indien de rest van de woning een dagteller, maar nog geen nachtteller had. Indien de woning al een nachtteller had, werd de bijkomende vaste term beperkt tot EUR per jaar.
Het sociale tarief was en is nu nog voorbehouden aan de verbruikers die recht hebben op het bestaansminimum, het gewaarborgd inkomen voor bejaarden, sommige tegemoetkomingen voor mindervaliden, een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden of een tegemoetkoming voor hulp aan derden.
In tegenstelling tot de andere tarieven wordt dit tarief wel nog steeds door de overheid bepaald, maar niet meer volgens onderstaande formules. De leveranciers worden nu vergoed voor de kosten die hieruit voor hen voortvloeien. In het begin van de liberalisering was in sommige gevallen (afhankelijk van uw netbeheerder en dus van de nettarieven) het sociale tarief echter duurder dan het commerciële tarief van de elektriciteitsleverancier, zodat u toen ook beter geen sociaal tarief zou hebbern aangevraagd. Zie onze berekeningsmodule voor meer informatie over de huidige situatie.
Er werd en wordt ook nu nog in het sociale tarief geen vaste term aangerekend voor de dagteller, maar vroeger wel voor de nachtteller : ( euro) en ook voor zware aansluitingen : ( euro per kW boven de 10).
De eerst verbruikte 500 kWh (dag) waren gratis. Dit is in de nieuwe, gunstiger formule, niet meer het geval.
Het sociale tarief was en is ook nog altijd vrijgesteld van de energietaks.
Alle dagverbruik na de eerste 500 kWh werd aangerekend aan cEUR per kWh (herberekend aan de huidige index); het nachtverbruik aan cEUR (indien u een nachtteller heeft).
Voor "uitsluitend nachtverbruik" bestond er, in tegenstelling tot nu, geen specifiek sociaal tarief. Dat verbruik werd dus aangerekend zoals voor iedereen aan cEUR.
Alle bovenstaande prijzen zijn de prijzen die in de maand zouden hebben gegolden als er nog een gebonden markt zou hebben bestaan. Bij facturatie over een jaar werd en wordt ook nu nog rekening gehouden met de gemiddelde prijsindexering van de 12 voorafgaande maanden !
De huidige vrije marktprijzen vindt u met onze berekeningsmodule. Wanneer u op de hoogte wenst te blijven van de laatste ontwikkelingen op de elektriciteitsmarkt, kan u zich ook inschrijven op onze elektronische nieuwsbrief.